Toen de coronapandemie uitbrak, verloren de duizend rijkste mensen op aarde dertig procent van hun vermogen, becijfert Oxfam Novib in het rapport ‘The inequality virus’. Maar in november vorig jaar, slechts negen maanden later, waren die duizend rijke stinkerds weer net zo vermogend als voorheen. Daardoor leven die bofkonten in een andere werkelijkheid dan de meeste van ons. Tuurlijk, ook zij liggen weleens wakker, maar niet om baanverlies, stijgende kosten van levensonderhoud, een pensioenkorting, wurgende woonlasten, een belastingaanslag of de verdwenen spaarrente. Maar jij misschien wel. Het is dus niet zo raar als je weleens dagdroomt dat je rijker bent.

Maar hoe word je rijk? Concrete recepten daarvoor vind je in beroemde zelfhulpboeken uit de Verenigde Staten, zoals die van Napoleon Hill, Robert Kiyosaki en T. Harv Eker. Alle drie benadrukken ze dat rijk worden begint in je hoofd. Wie zich niet kan voorstellen rijk te zijn, zal het volgens hen zelden worden. Dat klinkt zweveriger dan het is. Die bewering klopt namelijk met de wetenschappelijke lange-termijnstudie ‘Monitoring the Future’ van de Universiteit van Michigan. In 1976 werden 12.000 beginnende studenten gevraagd naar hun doelen in het leven. Ook moesten ze op een schaal van 1 (niet belangrijk) tot 4 (essentieel) aangeven hoe belangrijk ze het vonden om rijk te zijn. Twee decennia later werden 597 van de studenten opnieuw ondervraagd. Daaruit bleek dat elk extra punt dat ze in 1976 toekenden aan het belang van rijkdom later overeenkwam met 14.000 dollar extra jaarinkomen.

Er is eigenlijk maar één klasse in de maatschappij die meer over geld denkt dan de rijken, en dat zijn de armen. Oscar Wilde (1854-1900), Iers-Engelse schrijver en dichter.

Rijk worden moet je dus willen. Volgens T. Harv Eker, auteur van ‘Secrets of the Millionaire Mind’ zit die drive niet in je genen. Het wordt je aangeleerd. Was je pa gokverslaafd? Vonden je ouders de rijken hebzuchtige varkens? Klaagden ze over hun inkomen en schulden? Mochten jullie niet praten over geld? Dan associeer jij geld vaak met moeilijkheden, pijn of een taboe. Onbewust distantieer je je van het slijk der aarde. Je financiële thermostaat staat daardoor laag. Dat wil zeggen dat het bedrag aan reserves dat je onbewust haalbaar acht bescheiden is, bijvoorbeeld een paar maandsalarissen. Wie geld echt vervelend vindt, zet zijn thermostaat onder nul. Die mensen staan altijd rood. Soms gaan ze er nog prat op ook.

Eker geeft praktische oefeningen om je financiële thermostaat te herprogrammeren, zoals: Probeer de komende zeven dagen totaal niet te klagen. Niet hardop, maar ook niet in gedachten. Maak een lijst van je natuurlijke talenten, en hoe je die kunt gebruiken. Oefen jezelf in optimisme door bij elk probleem een kans te bedenken. Bewonder mensen die het financieel goed gaat. En laat het ze weten. Dat stoomt je klaar voor een hoger afgestelde thermostaat. Wat dacht je van een miljoen? Of misschien wel twee? Wees niet bescheiden. Denk groot. Dat doen de rijken ook.

Gratis de Crisiskalender bij aankoop van het boek ‘Crisis. Wat te doen? Klik hier voor de acti😊

Hoe crisisbestendig ben jij? Test jezelf hier!