Gratis geldlessen van Jeroen

In de twee decennia vóór de kredietcrisis gooide de overheid het Nederlandse volk onbeschermd voor de leeuwen van de vrije financiële markt. Mede daardoor rijzen de huishoudelijke schulden nu de pan uit, kwakkelt het consumentenvertrouwen rond het nulpunt en kunnen 1,1 miljoen huishoudens de eindjes nauwelijks of niet meer aan elkaar knopen. Om te voorkomen dat ook de volgende generatie Nederlanders loslopend wild wordt voor de klauwen van kooplui, dienstverleners, vermogensbeheerders, bankiers en verzekeraars, krijgt de schooljeugd sinds 2010 jaarlijks “de Week van het Geld” voorgeschoteld. Aanstaande maandag begint er weer een. Het wordt een week waarin kinderen via lespakketten, activiteiten, tips voor thuis en gastlessen op school de weg moeten inslaan naar financiële zelfredzaamheid.

De Week van het Geld is een initiatief van Wijzer in Geldzaken en dus van het ministerie van Financiën. Meer dan honderd (geld)bedrijven, non profit-organisaties en gemeentes dragen hun steentje er aan bij. Hoop maar dat het helpt, want schrikbarend veel jonge Nederlanders gaan financieel de mist in. Volgens het Nibud heeft één op de vijf jongeren van 18 tot en met 24 jaar een betalingsachterstand. En meer dan de helft van de 18- tot 27-jarige Amsterdammers staan zelfs vele duizenden euro’s in het krijt, toont onderzoek van hun gemeente. Diverse Rotterdamse MBO-studenten maken het nóg bonter: Ze incasseren en spenderen maandelijks tot €800 studiefinanciering zonder te studeren, en bouwen daarmee aan een fikse, zinloze studieschuld.

Dit ongezonde gedrag kan leiden tot een leven lang geldzorgen, want een goed inkomen valt niet uit de lucht. Prima dus als de school je wat bijbrengt over geld. Toch beklijft gezond financieel gedrag het beste als je het van jongs af meekrijgt van je ouders thuis. Want ouders bekommeren zich om hun kinderen zonder winstoogmerk. En trouwens, als een kind problemen heeft, kunnen de ouders niet slapen. Financieel opvoeden is dus ook eigenbelang. Dat geldt nog extra als kinderen later gaan erven. Je laat je geld geruster na aan een nazaat met financieel benul dan aan een kuddedier met schulden of een Rupsje Nooitgenoeg die nooit een vlinder wordt.

Toch vindt de doorsnee jongere dat zijn ouders hem bar weinig bijbrengen over geld. Dat is geen wonder, want veel volwassenen dolen zelf in het duister als het gaat om belastingen, hypotheken, verzekeringen, sparen en pensioenopbouw. Daarbij beïnvloeden marketing, vooroordelen, schuldgevoel, kuddegedrag en naïviteit het financiële opvoedvermogen van ouders negatief. En toch is financieel opvoeden helemaal niet moeilijk. Het draait om vier principes. 1. Koopkracht kent grenzen (ofwel: leen nooit voor consumptie of een zeepbelwoning). 2. Inspanning loont (ofwel: geld moet je verdienen). 3. Eerst sparen dan uitgeven (ofwel: stel de bevrediging van je behoeftes uit tot je het kan betalen). En 4. Wantrouw organisaties en mensen met een commercieel belang.

Gaat de Week van het geld aan deze principes bijdragen? De gastlessen door de geldsector in de klas lijken me het minst nuttig. Een Rabobankemployé komt scholieren bijvoorbeeld uitleggen hoe je bankzaken regelt, terwijl een Aegon-medewerker het bewustzijn van verzekeren vergroot. Veel praktischer, en een aanrader voor ouders, is de schat aan gratis werkbladen, lespakketten, activiteiten en tips op de website weekvanhetgeld.nl. Naast dertig gratis lessen voor scholen, vinden ouders er voor elke leeftijd activiteiten en tips. Download in elk geval ‘Het zakgeldcontract’ en de lessen ‘Sparen en vooruitkijken’, ‘Zelf geld verdienen’, ‘Sinterklaas’ en ‘Toverspaarpot knutselen’. Allemaal gratis en zeer de moeite waard. Met dank aan minister Jeroen Dijsselbloem.

Sparen op de papabank

De huidige spaarrente van hooguit 1,1 procent- verleidt kinderen niet tot sparen. Al zijn er jeugdspaarrekeningen die, onder voorwaarden, extra rente bieden, zoals de Zilvervlootspaarrekeningen van SNS en Regiobank. Op zo’n rekening kunnen nul- tot 16-jarigen jaarlijks maximaal 600 euro storten. De bank verhoogt het eindkapitaal met maximaal 10 procent.

Maar kinderen zijn net bankiers. Ze willen een bonus én een dikke jaarwinst. Creëer daarom een eigen papa- of mamabank. Vergoed de kinderen een royale 5 tot 10 procent rente over gespaarde euro’s. Beloof daarnaast een dikke bonus over het spaarsaldo op hun 18e. Reken maar dat ze sparen. Zorg dus wel dat u op hun 18e voldoende liquide bent om de beloofde saldo’s te kunnen uitbetalen.